ECLI:NL:CRVB:2022:1590
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toekenning pgb maatwerkvoorziening individuele begeleiding tot 1 augustus 2020
Appellante had een maatwerkvoorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget (pgb) voor individuele begeleiding aangevraagd en verkregen voor diverse periodes. Na een bezwaarprocedure werd het pgb toegekend tot 30 juni 2019, maar de rechtbank oordeelde dat dit onjuist was en stelde de duur vast tot 1 augustus 2020, conform het advies van Sciopeng. Deze uitspraak werd niet bestreden en is onherroepelijk geworden.
Het college nam daarop een nieuw besluit waarin het pgb werd toegekend tot 31 juli 2020. Appellante stelde beroep in tegen de duur van het pgb, verlangde verlenging tot 1 januari 2022, maar de rechtbank verklaarde dit beroep ongegrond omdat de einddatum reeds onherroepelijk was vastgesteld.
In hoger beroep herhaalde appellante haar wens tot verlenging en gaf aan destijds akkoord te zijn gegaan met 1 augustus 2020 als best haalbare resultaat, met de hoop op automatische verlenging. De Raad oordeelde dat appellante geen nieuwe gronden had aangevoerd en onderschreef de rechtbankuitspraak volledig. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de toekenning van het pgb tot 1 augustus 2020 bevestigd.