ECLI:NL:CRVB:2022:1607

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
14 juli 2022
Publicatiedatum
19 juli 2022
Zaaknummer
20/753 AWBZ
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:26 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens overlijden appellant en ontbreken belanghebbenden

Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland en tegen een nieuwe beslissing op bezwaar. Tijdens de procedure is appellant overleden. Ondanks aankondiging van de zitting en pogingen tot contact, hebben zich geen erfgenamen of belanghebbenden gemeld om het geding voort te zetten.

Op de zitting van 30 juni 2022 verschenen noch erfgenamen noch het zorgkantoor. Hierdoor is het processuele belang van het hoger beroep en het beroep komen te vervallen. De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep en het beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een partij met procesbelang.

Er is geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter J. Brand en griffier R. van Doorn op 14 juli 2022.

Uitkomst: Hoger beroep en beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens overlijden appellant en ontbreken van belanghebbenden.

Uitspraak

20.753 AWBZ, 21/1149 AWBZ

Datum uitspraak: 14 juli 2022
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 22 januari 2020, 17/5090 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellant] , in leven laatstelijk gewoond hebbende te [woonplaats] (appellant)
Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V. als rechtsopvolger van Achmea Zorgkantoor N.V. (zorgkantoor)
PROCESVERLOOP
Namens appellant heeft drs. D.F.T. Holtkamp hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak en beroep ingesteld tegen de ter uitvoering van de aangevallen uitspraak genomen nieuwe beslissing op bezwaar van 25 juni 2020.
Het zorgkantoor heeft verweerschriften ingediend.
Appellant is overleden. De laatste correspondentie van de Raad aan Holtkamp is als onbestelbaar retour ontvangen. Op e-mails is niet gereageerd.
De Raad heeft, gelet op het bepaalde in artikel 8:26, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, in de Staatscourant van 4 mei 2022 aangekondigd dat het onderzoek ter zitting zal plaatsvinden op 30 juni 2022.
De zaak is ter behandeling aan de orde gesteld op de zitting van 30 juni 2022. Van de zijde van de erfgenamen is niemand verschenen. Het zorgkantoor heeft zich niet laten vertegenwoordigen.

OVERWEGINGEN

1. Appellant is overleden. Niet is gebleken van erfgenamen die appellant als partij in het onderhavige geding zijn opgevolgd en het geding zouden willen voortzetten. Ook na de aankondiging in de Staatscourant hebben zich geen belanghebbenden gemeld met het verzoek als partij aan het geding deel te mogen nemen. Uit het voorgaande volgt dat het processuele belang aan de beoordeling van het hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak en het beroep tegen het besluit van 25 juni 2020 is komen te ontvallen. Het hoger beroep en het beroep zullen om die reden niet-ontvankelijk worden verklaard.
2. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep
- verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk;
- verklaart het beroep tegen het besluit van 25 juni 2020 nietontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door J. Brand, in tegenwoordigheid van R. van Doorn als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 14 juli 2022.
(getekend) J. Brand
(getekend) R. van Doorn