ECLI:NL:CRVB:2022:1645
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vergoeding en proceskosten bij overschrijding redelijke termijn in WIA-procedure
Appellant stelde hoger beroep in tegen uitspraken van de rechtbank Noord-Nederland inzake WIA-zaken. Het UWV kwam met een gewijzigde beslissing geheel tegemoet aan de bezwaren, waarna appellant de hoger beroepen introk en verzocht om proceskostenvergoeding en schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.
De Raad beoordeelde dat de totale procedure van ontvangst bezwaar tot uitspraak zes jaar en ruim vier maanden duurde, waarbij de redelijke termijn met ruim twee jaar werd overschreden. De overschrijding lag volledig in de rechterlijke fase, aangezien het UWV binnen zes maanden op bezwaar had beslist.
De Raad kende een schadevergoeding toe van €2.500 aan appellant. Tevens werd het UWV veroordeeld in proceskosten van €5.669,28 en de Staat in proceskosten van €379,50. Ook werd het betaalde griffierecht van €346 door het UWV aan appellant vergoed. De vergoeding van kosten voor medische rapporten werd eveneens toegewezen.
Uitkomst: Toekenning van €2.500 schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn en veroordeling van UWV en Staat tot betaling van proceskosten aan appellant.