ECLI:NL:CRVB:2022:1787
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens overlijden appellant zonder opvolging door erfgenamen
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam. Tijdens de procedure is appellant overleden op 22 november 2021. De Raad heeft de advocaat van appellant verzocht te melden of de erfgenamen het hoger beroep wensen voort te zetten. Ondanks herhaalde verzoeken en een oproep in de Staatscourant hebben zich geen erfgenamen gemeld om het geding voort te zetten.
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam heeft geen gebruik gemaakt van het recht om op een zitting te worden gehoord, waarna het onderzoek is gesloten. De Centrale Raad van Beroep overweegt dat het belang van appellant bij voortzetting van het geding is vervallen door zijn overlijden en dat geen procesbelang meer bestaat omdat geen erfgenamen het hoger beroep voortzetten.
Daarom verklaart de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter F. Hoogendijk op 2 augustus 2022.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overlijden appellant zonder opvolging door erfgenamen.