ECLI:NL:CRVB:2022:1882
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na tegemoetkoming UWV en veroordeling in proceskosten
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV inzake een WIA-uitkering. Tijdens de procedure heeft de Raad een deskundige benoemd die een rapport uitbracht. Naar aanleiding daarvan nam het UWV op 20 augustus 2021 een gewijzigde beslissing op bezwaar die volledig tegemoetkwam aan de bezwaren van appellante.
Op 13 januari 2022 trok appellante het hoger beroep in en verzocht de Raad het UWV te veroordelen in de proceskosten. Het UWV stemde hiermee in. De Raad liet het onderzoek ter zitting achterwege en sloot de procedure.
De Raad overwoog dat op grond van de Awb het bestuursorgaan bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming in de bezwaren in de kosten kan worden veroordeeld. Omdat appellante zelf bezwaar had gemaakt, werden kosten in bezwaar niet vergoed. De proceskosten voor beroep en hoger beroep werden begroot op in totaal € 2.656,50.
De Centrale Raad van Beroep veroordeelde het UWV in deze kostenvergoeding. Appellante kan het betaalde griffierecht rechtstreeks bij het UWV verhalen. De uitspraak werd gedaan door F.M. Rijnbeek op 24 augustus 2022.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van appellante van in totaal € 2.656,50 na intrekking van het hoger beroep wegens tegemoetkoming.