ECLI:NL:CRVB:2022:1892
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Onzorgvuldig medisch onderzoek bij vaststelling mate arbeidsongeschiktheid WIA
Appellant, werkzaam als business consultant, meldde zich in 2017 ziek met psychische klachten en vroeg een WIA-uitkering aan. Het UWV stelde aanvankelijk een arbeidsongeschiktheid van 67,01% vast, later bij bezwaar verhoogd naar 72,66% op basis van een gewijzigde Functionele Mogelijkhedenlijst (FML).
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit en voerde aan dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was omdat hij niet persoonlijk was onderzocht door een verzekeringsarts, maar slechts telefonisch werd gehoord. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat bij psychische stoornissen een persoonlijk spreekuurcontact met een verzekeringsarts noodzakelijk is, tenzij dit gemotiveerd niet nodig is.
De Raad oordeelt dat het UWV onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het telefonisch contact volstaat en dat het medisch onderzoek in bezwaar daardoor niet zorgvuldig is. Het UWV wordt opgedragen binnen zes weken het gebrek te herstellen door een persoonlijk onderzoek. De overige gronden van het hoger beroep blijven onbesproken en er wordt geen uitspraak gedaan over proceskosten.
Uitkomst: Het UWV wordt opgedragen het medisch onderzoek te herstellen door een persoonlijk spreekuurcontact met een verzekeringsarts.