ECLI:NL:CRVB:2022:211
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling proceskosten na intrekking hoger beroep bestuursorgaan
Het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant. Op 6 september 2021 trok het bestuursorgaan het hoger beroep in. Betrokkene verzocht daarop om veroordeling van het bestuursorgaan in de proceskosten.
De Centrale Raad van Beroep paste artikel 8:118, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht toe, dat bepaalt dat bij intrekking van het hoger beroep door het bestuursorgaan, het bestuursorgaan op verzoek van een partij kan worden veroordeeld in de proceskosten. Het onderzoek ter zitting werd achterwege gelaten omdat appellant geen verweerschrift had ingediend.
De Raad veroordeelde het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven in de proceskosten van betrokkene, begroot op € 759,- voor verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd gedaan door A.M. Overbeeke, in aanwezigheid van griffier E. Blijleven-de Vries, op 1 februari 2022.
Uitkomst: Het bestuursorgaan is veroordeeld in de proceskosten van € 759,- na intrekking van het hoger beroep.