ECLI:NL:CRVB:2022:2187
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht en ontbreken beroepsgronden
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland. De Raad wees appellante op het verschuldigde griffierecht van €136,- en stelde een betalingstermijn. Ondanks meerdere herinneringen en waarschuwingen werd het griffierecht niet binnen de gestelde termijn voldaan.
Daarnaast bevatte het beroepschrift geen gronden, hetgeen ook wettelijk verplicht is. Appellante kreeg meerdere kansen om dit te herstellen, maar liet deze termijnen ongebruikt voorbijgaan. Gezien het niet voldoen aan deze essentiële procesvereisten is het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard.
De Raad zag geen aanleiding voor een inhoudelijke behandeling of proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door S.B. Smit-Colenbrander, met J.M. Labage als griffier, en opengesteld voor verzet binnen zes weken.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht en het ontbreken van beroepsgronden.