ECLI:NL:CRVB:2022:2373
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor kosten babypakket wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Appellante, die sinds 2016 bijstand ontvangt, vroeg bijzondere bijstand aan voor de kosten van een babypakket voor haar eerste kind. Het college wees deze aanvraag af omdat de kosten voorzienbaar waren en appellante deze had kunnen reserveren of gespreid betalen. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel.
De Raad overweegt dat kosten van een babypakket incidentele, algemeen noodzakelijke kosten zijn die normaal gesproken uit het bijstandsinkomen betaald kunnen worden. Bijzondere bijstand is alleen mogelijk bij bijzondere omstandigheden, welke in deze zaak niet zijn vastgesteld. Appellante had vanaf het moment dat zij zwanger was kunnen reserveren, wat zij ook heeft gedaan.
Verder oordeelt de Raad dat het beleid van het college niet voorschrijft dat bij de geboorte van het eerste kind altijd bijzondere bijstand voor een babypakket wordt toegekend. Alleen bij bijzondere omstandigheden, zoals een ongewenste zwangerschap of complicaties, kan bijzondere bijstand worden verleend. Deze omstandigheden zijn hier niet aanwezig.
Daarom wordt het hoger beroep afgewezen en blijft het bestreden besluit in stand. Er is geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De afwijzing van bijzondere bijstand voor de kosten van een babypakket wordt bevestigd wegens het ontbreken van bijzondere omstandigheden.