ECLI:NL:CRVB:2022:2626
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep door bestuursorgaan
Het dagelijks bestuur van Orionis Walcheren heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant. Vervolgens heeft appellant het hoger beroep ingetrokken bij brief van 16 februari 2022. Betrokkene, vertegenwoordigd door mr. M. Peelen, heeft verzocht appellant te veroordelen in de proceskosten.
Het onderzoek ter zitting is achterwege gelaten op grond van artikel 8:57 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Appellant heeft aangevoerd dat het verweerschrift niet door mr. Peelen, maar door een andere advocaat is ingediend en dat de kosten met betrekking tot het beroep zijn verrekend. De Raad oordeelt dat mr. Peelen als opvolgend gemachtigde het verzoek tot proceskostenvergoeding kan indienen.
De Raad veroordeelt appellant in de proceskosten die betrokkene redelijkerwijs heeft moeten maken, begroot op €759,- voor verleende rechtsbijstand in hoger beroep. De proceskosten in eerste aanleg zijn reeds toegewezen in de eerdere uitspraak. De beslissing is genomen door J.J. Janssen, in aanwezigheid van griffier D. van der Boom.
Uitkomst: Appellant wordt veroordeeld in de proceskosten van €759,- voor verleende rechtsbijstand in hoger beroep.