Uitspraak
20 3783 WMO15
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
De Raad komt tot de volgende beoordeling.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, volledig rolstoelafhankelijk, vroeg bij het college om een persoonsgebonden budget (pgb) voor aandrijfondersteuning van zijn rolstoel. Het college kende hem een pgb toe van €6.880,44. Appellant maakte bezwaar, stellende dat dit bedrag onvoldoende was om de aandrijfondersteuning inclusief onderhoud te bekostigen, verwijzend naar offertes van Medipoint en een andere leverancier.
Het college verklaarde het bezwaar ongegrond, stellende dat het pgb toereikend is om de voorziening bij Medipoint af te nemen, mede doordat het college een korting van 40% met Medipoint heeft afgesproken. De rechtbank bevestigde dit oordeel en wees het beroep van appellant af, waarbij werd opgemerkt dat appellant zelf verantwoordelijk is voor het informeren over de kortingsregeling.
In hoger beroep handhaafde appellant zijn standpunt, stellende dat het college hem eerder had moeten informeren over de korting. De Centrale Raad van Beroep onderschreef echter de overwegingen van de rechtbank en benadrukte dat appellant zelf heeft gekozen voor een pgb en daarmee verantwoordelijk is voor de aanschaf binnen het toegekende bedrag. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.