ECLI:NL:CRVB:2022:334
Centrale Raad van Beroep
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na gewijzigde beslissing UWV en proceskostenveroordeling
In deze zaak heeft appellant beroep ingesteld tegen een besluit van het UWV. Na eerdere vernietiging van een besluit door de Raad en opdracht aan het UWV tot het nemen van een nieuwe beslissing, heeft het UWV op 7 april 2021 een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen die tegemoetkomt aan de bezwaren van appellant.
Hierdoor heeft appellant het beroep ingetrokken en verzocht om veroordeling van het UWV in de proceskosten. De Raad heeft het onderzoek ter zitting achterwege gelaten en het verzoek tot proceskostenvergoeding toegewezen.
De Raad overweegt dat op grond van artikel 8:75a Awb het bestuursorgaan bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming aan bezwaren in de proceskosten kan worden veroordeeld. Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de in beroep gemaakte kosten, begroot op €759,- voor rechtsbijstand. Vergoeding van griffierecht kan appellant rechtstreeks bij het UWV claimen.
De uitspraak is gedaan door S.B. Smit-Colenbrander, in aanwezigheid van griffier H. Alajai, op 10 februari 2022.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant ter hoogte van €759,-.