ECLI:NL:CRVB:2022:587
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na zorgvuldig medisch onderzoek bevestigd
Appellant was werkzaam als recycle-medewerker en meldde zich ziek na een val op het werk. Het UWV beëindigde de Ziektewetuitkering op basis van een medisch onderzoek waarbij werd vastgesteld dat appellant geschikt was voor zijn laatst verrichte arbeid.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, omdat het medisch onderzoek zorgvuldig was en het oordeel van de verzekeringsarts bezwaar en beroep kon dragen. Appellant bracht geen nieuwe medische stukken in die twijfel konden zaaien.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn klachten, waaronder whiplash en psychische klachten, en verzocht om benoeming van een onafhankelijke deskundige. De Raad oordeelde dat het verzoek ongegrond was, omdat het medisch onderzoek zorgvuldig was en appellant geen nieuwe medische onderbouwing had geleverd.
De Raad stelde vast dat er geen sprake was van schending van het recht op een eerlijk proces (artikel 6 EVRM Pro) en dat het beginsel van equality of arms niet was geschonden. Het financiële onvermogen van appellant om een eigen deskundige in te schakelen, bood geen grond voor benoeming van een onafhankelijke deskundige.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Ziektewetuitkering is terecht beëindigd en het verzoek om een onafhankelijke deskundige wordt afgewezen.