ECLI:NL:CRVB:2022:742
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland. De gemachtigde van appellante werd meerdere malen schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht binnen een bepaalde termijn. Ondanks herinneringen werd het griffierecht pas na de gestelde termijn ontvangen, waardoor appellante in verzuim is.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het hoger beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk is en dat zonder verder onderzoek kan worden beslist. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 31 maart 2022.
De beslissing houdt in dat het hoger beroep niet wordt behandeld inhoudelijk vanwege het niet voldoen aan de formele vereisten, namelijk de tijdige betaling van het griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.