ECLI:NL:CRVB:2022:743
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam. Zij is bij brief van 1 december 2021 en aangetekende brief van 1 januari 2022 gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €134,-, met de mededeling dat het bedrag binnen respectievelijk 28 dagen en vier weken na de datum van de brief betaald moest zijn. Tevens is appellante gewaarschuwd dat bij niet-tijdige betaling de procedure niet inhoudelijk behandeld zou worden.
Het griffierecht is niet binnen de gestelde termijn betaald. Op basis van de beschikbare gegevens kan niet worden geoordeeld dat appellante niet in verzuim is geweest. Daarom is het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard zonder inhoudelijke behandeling van de zaak.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 31 maart 2022.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.