ECLI:NL:CRVB:2022:777
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet gegrond verklaard tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens niet-betaling griffierecht
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag, maar de Centrale Raad van Beroep verklaarde dit hoger beroep niet-ontvankelijk omdat het griffierecht niet was betaald. Appellante maakte bezwaar tegen deze beslissing en diende verzet in.
Tijdens het verzet bleek dat appellante tijdig een beroep op betalingsonmacht had gedaan, wat betekent dat de niet-ontvankelijkverklaring onterecht was. De Raad verklaarde het verzet daarom gegrond, waardoor de eerdere uitspraak van 2 december 2021 verviel.
Het onderzoek wordt nu voortgezet in de stand waarin het zich bevond vóór de niet-ontvankelijkverklaring. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling met betrekking tot het verzet. De uitspraak werd gedaan door J.C. Boeree, in aanwezigheid van griffier K.R. van Renswoude op 31 maart 2022.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het onderzoek wordt voortgezet.