ECLI:NL:CRVB:2023:1000
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na tegemoetkoming UWV en veroordeling in proceskosten
Appellant stelde hoger beroep in tegen een beslissing van het UWV inzake een WAJONG-uitkering. Tijdens de procedure nam het UWV op 16 februari 2023 een gewijzigde beslissing op bezwaar die tegemoetkwam aan appellant.
Hierdoor trok appellant het hoger beroep in en verzocht de Raad het UWV te veroordelen in de proceskosten. De Raad stelde vast dat het hoger beroep ingetrokken werd vanwege de tegemoetkoming van het UWV, wat conform artikel 8:75a Awb aanleiding geeft tot veroordeling in proceskosten.
De Raad oordeelde dat het UWV reeds in bezwaar en beroep was veroordeeld in proceskosten en dat vergoeding van die kosten niet opnieuw aan de orde was. Wel veroordeelde de Raad het UWV tot vergoeding van de proceskosten die appellant redelijkerwijs in het hoger beroep heeft moeten maken, begroot op € 837,-.
Daarnaast kwamen de kosten van het door appellant ingediende psychiatrisch en psychologisch rapport, ad € 1.155,-, voor vergoeding in aanmerking. Het griffierecht kan appellant rechtstreeks bij het UWV verhalen. De Raad veroordeelde het UWV in totaal tot betaling van € 1.992,- aan appellant.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld tot betaling van € 1.992,- aan appellant wegens proceskosten en deskundigenkosten na intrekking van het hoger beroep.