ECLI:NL:CRVB:2023:1062
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling in hoger beroep tegen UWV-beslissing WIA
Appellant stelde hoger beroep in tegen twee uitspraken van de rechtbank Limburg inzake WIA-zaken. Het UWV nam op 17 oktober 2022 een gewijzigde beslissing op bezwaar waarmee het tegemoet kwam aan de bezwaren van appellant. Naar aanleiding hiervan trok appellant op 8 november 2022 de hoger beroepen in en verzocht om proceskostenvergoeding.
De Raad stelde vast dat het beroep in één zaak samenhangend was en dat het UWV reeds door de rechtbank was veroordeeld tot vergoeding van kosten in beroep. De Raad oordeelde vervolgens dat het UWV ook de kosten in bezwaar en hoger beroep moest vergoeden, begroot op in totaal € 2.031,-.
De uitspraak werd gedaan door F.M. Rijnbeek, in aanwezigheid van griffier H. Alajai, en uitgesproken in het openbaar op 7 juni 2023. Appellant kan het betaalde griffierecht rechtstreeks bij het UWV verhalen.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van € 2.031,- aan proceskosten aan appellant.