ECLI:NL:CRVB:2023:108
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens termijnoverschrijding bezwaar sociale zekerheidsuitkering
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen een afwijzend besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad inzake een aanvraag uit 2016. Het bezwaarschrift werd één dag na de wettelijke termijn van zes weken ingediend. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens deze termijnoverschrijding zonder verschoonbare reden.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de termijn strikt is en dwingend geldt op grond van artikel 6:7 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De Raad stelt vast dat het bezwaarschrift per e-mail op 6 april 2022 werd ontvangen, terwijl het gedateerd is op 5 april 2022, maar geen bewijs is geleverd dat het eerder verzonden zou zijn. De termijnoverschrijding van één dag wordt niet verontschuldigd.
Daarom blijft het bestreden besluit van niet-ontvankelijkheid in stand en wordt het hoger beroep van appellant door de Raad niet-ontvankelijk verklaard. Er worden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de termijn voor het indienen van bezwaar zonder verschoonbare reden.