ECLI:NL:CRVB:2023:1128

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
7 juni 2023
Publicatiedatum
22 juni 2023
Zaaknummer
22/3219 WAO-PV
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:6 AwbWet op de arbeidsongeschiktheidsverzekeringAlgemene arbeidsongeschiktheidswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging weigering terugkomen van besluit WAO-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten

Appellant heeft meerdere verzoeken ingediend om terug te komen op een besluit van het UWV uit 1994 waarin hem een uitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) en de Algemene arbeidsongeschiktheidswet (AAW) werd geweigerd. Het laatste verzoek dateert van november 2021. Het UWV heeft dit verzoek afgewezen omdat er geen sprake was van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden zoals vereist volgens artikel 4:6, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

De rechtbank Amsterdam heeft het beroep van appellant tegen deze afwijzing ongegrond verklaard en geoordeeld dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij ziek is geworden in een verzekerde periode of aansluitend daarop 52 weken achtereen ziek was. Ook was er geen sprake van een evident onredelijke uitkomst. Appellant stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, maar heeft in hoger beroep geen nieuwe gronden of nadere onderbouwing aangevoerd.

De Centrale Raad van Beroep heeft de aangevallen uitspraak van de rechtbank bevestigd en ziet geen aanleiding om tot een ander oordeel te komen. De beslissing is in het openbaar uitgesproken en gebaseerd op de overwegingen dat het UWV terecht heeft geweigerd terug te komen op het eerdere besluit omdat de wettelijke voorwaarden daarvoor niet zijn vervuld.

Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van het UWV om terug te komen op het eerdere besluit wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.

Uitspraak

22.3219 WAO-PV

Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 15 augustus 2022, 22/2119 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellant] te [woonplaats] (Marokko) (appellant)
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
Datum uitspraak: 7 juni 2023
Zitting heeft: T. Dompeling
Griffier: N. Zwijnenberg
Appellant is niet ter zitting verschenen. Namens het Uwv was aanwezig mr. Y. Huisman.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.
Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellant tegen de beslissing op bezwaar van 10 maart 2022 ongegrond verklaard. Bij dat besluit heeft het Uwv het bezwaar tegen zijn beslissing van 21 december 2021 waarin is geweigerd terug te komen van een eerder besluit, ongegrond verklaard. In het eerdere besluit van 22 juli 1994 heeft het Uwv geweigerd appellant een uitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) en de Algemene arbeidsongeschiktheidswet (AAW) toe te kennen. Appellant heeft nadien meerdere verzoeken gedaan om van dit besluit terug te komen, laatstelijk op 12 november 2021. De rechtbank heeft geoordeeld dat het Uwv zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat geen sprake is van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden, als bedoeld in artikel 4:6, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij ziek is geworden in een verzekerde periode, of aansluitend op een verzekerde periode 52 weken achtereen ziek was. Ook is er geen sprake van een evident onredelijke uitkomst.
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.
De rechtbank heeft alle gronden van het beroep uitvoerig besproken en gemotiveerd waarom de gronden niet slagen. De Raad heeft geen aanknopingspunten om tot een ander oordeel te komen. In hoger beroep heeft appellant geen nieuwe gronden aangevoerd of een nadere onderbouwing gegeven.
Waarvan proces-verbaal.
Utrecht, 7 juni 2023
De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer
(getekend.) N. Zwijnenberg (getekend.) T. Dompeling
Voor eensluidend afschrift
de griffier van de
Centrale Raad van Beroep