ECLI:NL:CRVB:2023:1326
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming bestuursorgaan
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam. Vervolgens heeft zij het hoger beroep ingetrokken nadat het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam op 7 oktober 2022 is teruggekomen op haar eerdere besluit, waarmee volledig aan de bezwaren van appellante is tegemoetgekomen.
De Centrale Raad van Beroep heeft op basis van artikel 8:75a en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht vastgesteld dat het college op verzoek van appellante kan worden veroordeeld in de proceskosten. Het college heeft geen verweer gevoerd tegen deze veroordeling.
De Raad heeft het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten die appellante redelijkerwijs heeft moeten maken in bezwaar, beroep en hoger beroep, begroot op in totaal €3.705,-. De uitspraak is gedaan door J.J. Janssen op 12 juli 2023.
Uitkomst: Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam wordt veroordeeld tot betaling van €3.705,- aan proceskosten aan appellante.