ECLI:NL:CRVB:2023:1370
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming UWV
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV, maar trok dit beroep in nadat het UWV op 28 februari 2023 een gewijzigde beslissing op bezwaar had genomen waarin volledig aan haar bezwaren was tegemoetgekomen.
De Centrale Raad van Beroep beoordeelde vervolgens het verzoek van appellante om het UWV te veroordelen in de proceskosten die zij redelijkerwijs had moeten maken in verband met de behandeling van het beroep en het hoger beroep.
De Raad stelde vast dat het UWV de kosten in bezwaar reeds had vergoed, zodat alleen de kosten in beroep en hoger beroep nog in aanmerking kwamen voor vergoeding. Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht werden de kosten begroot op in totaal € 3.766,50 voor rechtsbijstand en € 75,44 aan reiskosten.
De Raad veroordeelde het UWV tot betaling van een totaalbedrag van € 3.841,94 aan appellante. De uitspraak werd gedaan door S.B. Smit-Colenbrander op 17 juli 2023.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van € 3.841,94 aan proceskosten aan appellante.