ECLI:NL:CRVB:2023:1510

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
2 augustus 2023
Publicatiedatum
3 augustus 2023
Zaaknummer
22 / 1608 ZVW
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:118 AwbArt. 8:75 AwbArt. 8:57 Awb
Verwijzingen
6 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep door bestuursorgaan

Het Centraal Administratiekantoor (CAK) stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam. Vervolgens trok het CAK het hoger beroep in bij brief van 6 april 2023. Betrokkene verzocht daarop de Raad om het CAK te veroordelen in de proceskosten.

De Centrale Raad van Beroep heeft het onderzoek achterwege gelaten en het verzoek van betrokkene toegewezen. Op grond van artikel 8:118, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan het bestuursorgaan bij intrekking van het hoger beroep worden veroordeeld in de proceskosten van de andere partij.

De Raad heeft de proceskosten begroot op € 837,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht, waarbij 1 punt is toegekend voor het indienen van het verweerschrift. Het CAK is veroordeeld tot betaling van dit bedrag aan betrokkene. De uitspraak is gedaan door D. Hardonk-Prins, in aanwezigheid van griffier A. Giesen, op 2 augustus 2023.

Uitkomst: Het CAK is veroordeeld tot betaling van € 837,- aan proceskosten aan betrokkene na intrekking van het hoger beroep.

Uitspraak

Datum uitspraak: 2 augustus 2023
22/1608 ZVW
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak als bedoeld in artikel 8:118 van Pro de Algemene wet bestuursrecht in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank van de rechtbank Amsterdam van 12 april 2022, 21/1560 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
Centraal Administratiekantoor (CAK, appellant)
[betrokkene] te [woonplaats] (betrokkene)

PROCESVERLOOP

Het CAK heeft hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.
Bij brief van 6 april 2023 heeft het CAK het hoger beroep ingetrokken.
Bij bericht van 11 april 2023 heeft mr. T.A. Vetter, advocaat, namens betrokkene de Raad verzocht het CAK te veroordelen in de proceskosten.
Het CAK heeft schriftelijk gereageerd.
Onder toepassing van artikel 8:57 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het onderzoek ter zitting achterwege gelaten. Vervolgens is het onderzoek gesloten.

OVERWEGINGEN

Artikel 8:118, eerste lid, van de Awb bepaalt dat in geval van intrekking van het hoger beroep door het bestuursorgaan, het bestuursorgaan op verzoek van een partij bij afzonderlijke uitspraak met overeenkomstige toepassing van artikel 8:75 van Pro de Awb kan worden veroordeeld in de proceskosten.
Gelet hierop wordt het CAK veroordeeld in de kosten die betrokkene in verband met de behandeling van het hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. De kosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht, begroot op € 837,- (1 punt voor het indienen van het verweerschrift).

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep veroordeelt het CAK in de kosten van betrokkene tot een bedrag van € 837,-.
Deze uitspraak is gedaan door D. Hardonk-Prins , in tegenwoordigheid van A. Giesen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 2 augustus 2023.
(getekend) D. Hardonk-Prins
(getekend) A. Giesen