ECLI:NL:CRVB:2023:1550
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens overlijden appellante zonder opvolging
Appellante ontving een aanvullende inkomensvoorziening voor ouderen (AIO-aanvulling) van de Sociale Verzekeringsbank (Svb) sinds 1 januari 2016. De Svb blokkeerde deze AIO-aanvulling per 1 juni 2020 en trok deze later in, besluiten die door appellante werden aangevochten bij de rechtbank Rotterdam. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit ongegrond en het beroep tegen het tweede besluit gegrond, waarbij het tweede besluit werd vernietigd maar de rechtsgevolgen in stand bleven.
Appellante stelde hoger beroep in tegen beide uitspraken. Tijdens de procedure werd gemeld dat appellante was overleden en dat er geen verklaring van erfrecht of gemachtigde was die het hoger beroep namens erfgenamen voortzette. De Raad deed een oproep aan eventuele erfgenamen om zich te melden, maar niemand reageerde.
Gezien het ontbreken van een partij die het hoger beroep voortzet, concludeerde de Raad dat het procesbelang is komen te vervallen. Daarom verklaarde de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken. De uitspraak werd gedaan door P.W. van Straalen, in aanwezigheid van griffier M. Zwart, op 8 augustus 2023.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang na het overlijden van appellante zonder opvolging door erfgenamen.