ECLI:NL:CRVB:2023:17

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
5 januari 2023
Publicatiedatum
6 januari 2023
Zaaknummer
22 / 994 AW
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:118 AwbArt. 8:75 AwbArt. 8:57 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Intrekking hoger beroep door college en proceskostenveroordeling

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vlaardingen had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam. Bij brief heeft het college het hoger beroep ingetrokken. Betrokkene verzocht daarop om veroordeling van het college in de proceskosten.

De Centrale Raad van Beroep heeft het onderzoek ter zitting achterwege gelaten en het verzoek van betrokkene toegewezen. Op grond van artikel 8:118 van Pro de Algemene wet bestuursrecht kan het bestuursorgaan bij intrekking van het hoger beroep worden veroordeeld in de proceskosten.

Het college is veroordeeld tot betaling van € 837,- aan proceskosten, begroot voor verleende rechtsbijstand. De uitspraak is gedaan door rechter Y. Sneevliet in aanwezigheid van griffier D. van der Boom op 5 januari 2023.

Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot betaling van € 837,- aan proceskosten aan betrokkene.

Uitspraak

Datum uitspraak: 5 januari 2023
22/994 AW
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak als bedoeld in artikel 8:118 van Pro de Algemene wet bestuursrecht in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 22 februari 2022, 19/6151 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vlaardingen (appellant)
[betrokkene] te [woonplaats] (betrokkene)

PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. K.F.A.M. Weijling, advocaat, hoger beroep ingesteld.
Bij brief van 8 september 2022 heeft mr. Weijling het hoger beroep ingetrokken.
Namens betrokkene heeft mr. K. ten Broek verzocht appellant te veroordelen in de proceskosten.
Appellant heeft geen verweerschrift ingediend.
Onder toepassing van artikel 8:57 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het onderzoek ter zitting achterwege gelaten. Vervolgens is het onderzoek gesloten.

OVERWEGINGEN

Artikel 8:118, eerste lid, van de Awb bepaalt dat in geval van intrekking van het hoger beroep door het bestuursorgaan, het bestuursorgaan op verzoek van een partij bij afzonderlijke uitspraak met overeenkomstige toepassing van artikel 8:75 van Pro de Awb kan worden veroordeeld in de proceskosten.
Gelet hierop wordt appellant veroordeeld in de kosten die betrokkene in verband met de behandeling van het bezwaar, het beroep en het hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. De kosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht, begroot op € 837,- in hoger beroep voor verleende rechtsbijstand.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep veroordeelt appellant in de kosten van betrokkene tot een bedrag van € 837,-.
Deze uitspraak is gedaan door Y. Sneevliet, in tegenwoordigheid van D. van der Boom als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 5 januari 2023.
(getekend) Y. Sneevliet
(getekend) D. van der Boom