ECLI:NL:CRVB:2023:1709
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht en ontbreken beroepsgronden
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Gelderland. De gemachtigde van appellante is herhaaldelijk gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht en het indienen van beroepsgronden, alsmede op het overleggen van een schriftelijke machtiging.
Ondanks meerdere aanmaningen en termijnen heeft de gemachtigde geen betaling verricht, geen beroepsgronden ingediend en geen machtiging overgelegd. Hierdoor is sprake van verzuim aan de zijde van de gemachtigde.
Op grond van de beschikbare gegevens kan niet redelijkerwijs worden geoordeeld dat de gemachtigde niet in verzuim is geweest. Daarom verklaart de Centrale Raad van Beroep het hoger beroep niet-ontvankelijk zonder inhoudelijke behandeling. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van griffierecht, ontbreken van beroepsgronden en het niet overleggen van een schriftelijke machtiging.