ECLI:NL:CRVB:2023:1833
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzet wegens ontbreken gronden en te laat griffierecht
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar het griffierecht werd niet tijdig betaald en het hogerberoepschrift bevatte geen gronden. De Raad verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk op 19 augustus 2022. Appellante stelde hiertegen verzet in, maar ook in het verzetschrift ontbraken gronden.
De Centrale Raad van Beroep gaf appellante meerdere kansen om alsnog verzetsgronden in te dienen, met termijnen van acht en vier weken. Deze termijnen verstreken zonder dat gronden werden aangevoerd. De Raad concludeert dat appellante geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die het verzuim kunnen rechtvaardigen.
Daarom wordt het verzet niet-ontvankelijk verklaard. Het te laat betaalde griffierecht zal aan appellante worden teruggestort. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 22 september 2023.
Uitkomst: Het verzet wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van gronden en te laat betaald griffierecht.