Uitspraak
22 774 ZW
11 maart 2021, 19/4246 ZW
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep verzocht om herziening van een eerdere uitspraak waarin werd bevestigd dat hij geen recht meer heeft op ziekengeld omdat hij voldoende kan verdienen. Hij stelde dat de eerdere uitspraak was gebaseerd op onjuiste en onzorgvuldig verkregen informatie van verzekeringsartsen van het UWV en overhandigde nieuwe medische documenten.
De Raad heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 8:119 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, dat strikte voorwaarden stelt aan herziening van onherroepelijke uitspraken. Deze voorwaarden vereisen dat er feiten of omstandigheden zijn die vóór de uitspraak hebben plaatsgevonden, niet bekend waren en bij bekendheid tot een andere uitspraak zouden hebben geleid.
De Raad oordeelde dat verzoeker geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die aan deze voorwaarden voldoen. Het verzoek om herziening is dan ook afgewezen omdat het feitelijk neerkomt op een hernieuwde discussie over de eerdere uitspraak, hetgeen niet is toegestaan.
Er is geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter H.G. Rottier en uitgesproken op 26 januari 2023.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden die aan de wettelijke voorwaarden voldoen.