Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- veroordeelt het college in de proceskosten van appellante tot een bedrag van € 837,-;
- bepaalt dat het college aan appellante het in hoger beroep betaalde griffierecht van € 131,- vergoedt.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland inzake de intrekking van bijstand over de periode 2009-2016. Het college van burgemeester en wethouders van Lelystad heeft daarop besloten de intrekking van de bijstand terug te draaien en de terugvordering ongedaan te maken, waarmee aan appellante is tegemoetgekomen.
Nadat appellante het hoger beroep had ingetrokken, verzocht zij de Raad om het college te veroordelen in de proceskosten van het hoger beroep. Het college verzette zich tegen deze kostenveroordeling, stellende dat appellante het vonnis van de strafrechter pas laat had overgelegd, waardoor kosten onnodig waren gemaakt.
De Raad oordeelde dat appellante het hogerberoepschrift al had ingediend voordat het strafvonnis werd gewezen, zodat de kosten niet voorkomen hadden kunnen worden door eerder overleg van het vonnis. Tevens benadrukte de Raad dat het college zelf verantwoordelijk is voor de juistheid van zijn besluitvorming, los van het strafrechtelijk oordeel.
De Raad veroordeelde het college tot betaling van de proceskosten van € 837,- voor het indienen van het hogerberoepschrift en bepaalde dat het college het betaalde griffierecht van € 131,- aan appellante moet vergoeden. Het onderzoek ter zitting werd achterwege gelaten en de uitspraak werd openbaar gedaan op 28 november 2023.
Uitkomst: Het college is veroordeeld tot betaling van proceskosten van € 837,- en vergoeding van het griffierecht van € 131,- na intrekking van het hoger beroep.