Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
€ 837,- in hoger beroep (1 punt voor het indienen van het (aanvullend) hogerberoepschrift).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant inzake een WIA-zaak, met een verzoek tot schadevergoeding. Vervolgens heeft appellant het hoger beroep ingetrokken omdat het UWV aan zijn bezwaren tegemoet is gekomen. De Raad heeft op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) het verzoek van appellant tot proceskostenvergoeding behandeld.
De Raad heeft vastgesteld dat het UWV reeds kosten heeft vergoed in de bezwaarfase, zodat nu alleen de kosten in beroep en hoger beroep aan de orde zijn. De proceskosten voor de verleende rechtsbijstand worden begroot op €1.674,- voor beroep en €837,- voor hoger beroep. Omdat de zitting in hoger beroep niet heeft plaatsgevonden, zijn reiskosten niet aan de orde.
Daarnaast is het verzoek tot vergoeding van wettelijke rente over de na te betalen uitkering toegewezen, met verwijzing naar een eerdere uitspraak voor de berekeningswijze. Ook dient het UWV het betaalde griffierecht van €185,- te vergoeden. De Raad veroordeelt het UWV tot betaling van in totaal €2.511,- aan proceskosten, de wettelijke rente en het griffierecht.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten, wettelijke rente en griffierecht na intrekking van het hoger beroep.