ECLI:NL:CRVB:2023:2532
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing nabestaandenuitkering wegens ontbreken verzekering overleden echtgenoot
Appellante, woonachtig in Marokko, verzocht om een nabestaandenuitkering na het overlijden van haar echtgenoot, die sinds 1991 in Marokko woonde en een ouderdomspensioen ontving. De Sociale verzekeringsbank (Svb) wees de aanvraag af omdat de echtgenoot op het moment van overlijden niet verzekerd was voor de Algemene nabestaandenwet (ANW) en ook niet onder de Marokkaanse sociale zekerheidswetgeving viel.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellante ongegrond en bevestigde het besluit van de Svb. De rechtbank stelde vast dat de echtgenoot niet meer in Nederland woonde of werkte, zich niet vrijwillig had verzekerd en niet verzekerd was via het ouderdomspensioen, aangezien dit sinds 2000 niet meer mogelijk is. Ook was er geen dekking op grond van het verdrag tussen Nederland en Marokko.
Appellante voerde in hoger beroep dezelfde gronden aan, waaronder haar ziekte, het ontbreken van inkomen en de zorg voor drie minderjarige kinderen. De Centrale Raad van Beroep volgt het oordeel van de rechtbank en bevestigt dat de dwingende bepalingen van de ANW geen ruimte laten voor toekenning buiten de wettelijke voorwaarden. Het hoger beroep wordt afgewezen en appellante krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De nabestaandenuitkering wordt afgewezen omdat de overleden echtgenoot niet verzekerd was voor de ANW of de Marokkaanse wetgeving.