ECLI:NL:CRVB:2023:825
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag. De gemachtigde van appellant is bij brief van 8 november 2022 en bij aangetekende brief van 9 december 2022 gewezen op de verplichting tot betaling van een griffierecht van €136,- binnen respectievelijk 28 dagen en vier weken na de briefdatum.
Het griffierecht is niet tijdig betaald, ondanks de duidelijke waarschuwingen dat bij niet-betaling de procedure niet inhoudelijk zou worden behandeld. De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellant in verzuim is en verklaart het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk zonder verdere inhoudelijke behandeling.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door F.M. Rijnbeek en uitgesproken in het openbaar op 3 mei 2023. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken schriftelijk verzet worden ingesteld.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.