ECLI:NL:CRVB:2023:828
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na tegemoetkoming UWV in bezwaar en proceskostenveroordeling
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV. Het UWV heeft op 12 augustus 2022 een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen die volledig tegemoetkomt aan de bezwaren van appellante. Naar aanleiding hiervan heeft appellante het hoger beroep op 17 augustus 2022 ingetrokken en verzocht om een proceskostenveroordeling.
De Centrale Raad van Beroep heeft het verzoek van appellante behandeld zonder zitting, conform artikel 8:57 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, omdat het hoger beroep was ingetrokken vanwege de tegemoetkoming van het bestuursorgaan. De Raad heeft het UWV veroordeeld tot betaling van de proceskosten die appellante redelijkerwijs heeft moeten maken voor rechtsbijstand in beroep en hoger beroep.
De proceskostenvergoeding is vastgesteld op in totaal €2.511,-, bestaande uit €1.674,- voor het beroep en €837,- voor het hoger beroep. Appellante kan het betaalde griffierecht rechtstreeks bij het UWV verhalen. De uitspraak is gedaan op 3 mei 2023 door rechter F.M. Rijnbeek.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van €2.511,- aan proceskosten na intrekking van het hoger beroep wegens volledige tegemoetkoming in bezwaar.