ECLI:NL:CRVB:2024:116

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
8 januari 2024
Publicatiedatum
19 januari 2024
Zaaknummer
22/3110 WMO15
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:108 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens overlijden appellant zonder erfgenamen

Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Limburg. Tijdens de procedure is appellant overleden. De advocaat van appellant heeft de Raad geïnformeerd over het overlijden en aangegeven dat er geen erfgenamen zijn die het geding wensen voort te zetten.

De Centrale Raad van Beroep heeft overwogen dat zonder opvolgers in het geding geen procesbelang bestaat om het hoger beroep te behandelen. Daarom is het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 8 januari 2024. Tegen deze uitspraak staat verzet open binnen zes weken na verzending van het afschrift.

Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang na overlijden van appellant zonder erfgenamen.

Uitspraak

22.3110 WMO15

Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:54 en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht in verband met hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Limburg van
17 augustus 2022, 21/1267 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellant] , in leven laatstelijk wonend te [woonplaats] (appellant)
het college van burgemeester en wethouders van Peel en Maas (college)
Datum uitspraak: 8 januari 2024
PROCESVERLOOP
Namens appellant heeft mr. K.E.J. Dohmen, advocaat, hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.
Het college heeft een verweerschrift ingediend.
Op 30 november 2023 heeft de advocaat van appellant de Raad laten weten dat appellant is overleden. De advocaat van appellant heeft daarbij gemeld dat er geen belanghebbende meer is en heeft de Raad verzocht het hoger beroep vanwege het ontbreken van een procesbelang niet-ontvankelijk te verklaren.

OVERWEGINGEN

1. Appellant is overleden. Niet is gebleken van erfgenamen die appellant als partij in dit geding zijn opgevolgd en het geding zouden willen voortzetten. Dit brengt mee dat er geen procesbelang is bij een beoordeling van het hoger beroep. Het hoger beroep zal om die reden kennelijk niet-ontvankelijk worden verklaard.
2. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door D. Hardonk-Prins, in tegenwoordigheid van P.W.J. Hospel als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 8 januari 2024.
(getekend) D. Hardonk-Prins
(getekend) P.W.J. Hospel
Tegen deze uitspraak kunnen een belanghebbende en het bestuursorgaan binnen zes weken na de verzending van het afschrift van deze uitspraak schriftelijk verzet doen bij de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld te worden gehoord.