ECLI:NL:CRVB:2024:1235
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging inhouding vakantiegeld bijstand wegens derdenbeslag ondanks gebrekkige motivering
Appellant ontvangt bijstand en ondervond een inhouding van €473,16 op zijn vakantiegeld vanwege een deurwaardersbeslag. Hij maakte bezwaar tegen de gebrekkige motivering op de uitkeringsspecificatie en stelde dat het college mogelijk niet binnen het beslagkader bleef. Het college handhaafde het besluit met een aanvullende motivering in bezwaar.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak. De Raad oordeelde dat de gebrekkige motivering op de uitkeringsspecificatie kon worden aangevuld in bezwaar, zonder dat herroeping van het oorspronkelijke besluit nodig was.
Verder stelde appellant dat eerdere inhoudingen onterecht waren, maar de Raad stelde vast dat deze bedragen al waren teruggestort voordat de inhouding op het vakantiegeld plaatsvond. De Raad vond geen aanwijzingen dat het college buiten het beslagkader was getreden.
Appellant kreeg geen proceskostenvergoeding en het betaalde griffierecht werd niet teruggegeven. De inhouding op het vakantiegeld blijft daarmee in stand.
Uitkomst: De inhouding op het vakantiegeld blijft gehandhaafd, het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.