ECLI:NL:CRVB:2024:1311
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na tegemoetkoming UWV en proceskostenveroordeling
Appellante stelde hoger beroep in tegen een beslissing van het UWV inzake een WIA-uitkering. Tijdens de procedure nam het UWV een gewijzigde beslissing op bezwaar die volledig tegemoetkwam aan de bezwaren van appellante, waarna het hoger beroep werd ingetrokken.
De Centrale Raad van Beroep heeft het verzoek van appellante tot proceskostenvergoeding gedeeltelijk toegewezen. De kosten zijn begroot op €4.412,16, bestaande uit kosten voor rechtsbijstand, deskundigenkosten en het betaalde griffierecht.
De Raad oordeelde dat bepaalde posten van de deskundigenfactuur niet voor vergoeding in aanmerking kwamen, maar dat werkzaamheden voor inzage en correctierecht wel vergoed worden. Het uurtarief voor deskundigen werd vastgesteld conform het Besluit tarieven in strafzaken 2003.
De uitspraak werd gedaan door S. Slijkhuis en uitgesproken op 28 juni 2024.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld tot betaling van €4.412,16 aan proceskosten en vergoeding van het griffierecht na intrekking van het hoger beroep wegens volledige tegemoetkoming.