Uitspraak
9 januari 2024, 23/914
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland. De Centrale Raad van Beroep heeft vastgesteld dat het griffierecht van €138,- niet is betaald, ondanks dat appellant hier meerdere malen schriftelijk op is gewezen.
De Raad heeft appellant per brief en aangetekende brief geïnformeerd over de betalingstermijnen en de consequenties van niet-betaling. De aangetekende brief is retour gekomen, waarna de Raad de brief opnieuw per gewone post heeft verzonden, met de mededeling dat dit geen nieuwe termijn oplevert.
Gezien het uitblijven van betaling en het verzuim van appellant, is het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard zonder inhoudelijke behandeling. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door D. Hardonk-Prins en uitgesproken op 3 juli 2024.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.