ECLI:NL:CRVB:2024:153
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering chauffeur ondanks medische beperkingen
Appellant werkte als chauffeur voor 25 uur per week en meldde zich ziek met rug- en knieklachten. Het UWV beëindigde op 12 januari 2021 de Ziektewetuitkering per 19 januari 2021 na een medisch onderzoek waarbij appellant geschikt werd bevonden voor zijn werk. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in, maar de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn pijnklachten hem ongeschikt maken voor het chauffeurswerk, dat zittend en belastend is voor rug en knieën. De Raad beoordeelde het medisch dossier en de rapporten van verzekeringsartsen, die concludeerden dat appellant ondanks beperkingen parttime zijn werk kon verrichten en dat de belasting niet bijzonder zwaar was. De Raad vond geen aanleiding om het oordeel van de rechtbank te wijzigen.
De Raad bevestigde daarmee het besluit van het UWV en de uitspraak van de rechtbank dat appellant geen recht meer heeft op een ZW-uitkering. Ook wees de Raad het verzoek om vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: De beëindiging van de ZW-uitkering per 19 januari 2021 wordt bevestigd omdat appellant geschikt is voor zijn werk als chauffeur.