ECLI:NL:CRVB:2024:1607
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting AOW-pensioen van 60% wegens niet-verzekerde jaren en juiste geboortedatum
Appellant heeft in april 2021 een AOW-pensioen aangevraagd met vermelding van zijn geboortedatum en woon- en werkperiode in Nederland. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) kende hem vanaf 1 november 2021 een AOW-pensioen toe met een korting van 60%, omdat hij slechts verzekerd was geweest van 1980 tot 1999. Appellant maakte bezwaar tegen deze korting en de gehanteerde geboortedatum, maar dit bezwaar werd ongegrond verklaard.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond en handhaafde het besluit van de Svb. Appellant stelde hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep. Deze Raad oordeelde dat appellant geen authentieke stukken had overgelegd die het standpunt ondersteunden dat hij langer verzekerd was geweest of dat een andere geboortedatum gehanteerd moest worden.
De Raad bevestigde dat de geboortedatum zoals geregistreerd bij vestiging in Nederland leidend is, tenzij authentieke stukken van vóór die vestiging anders aantonen. Appellant had nagelaten een originele geboorteakte te overleggen. Het hoger beroep slaagde daarom niet en de korting van 60% op het AOW-pensioen bleef van kracht. Tevens werd appellant geen vergoeding voor proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de korting van 60% op het AOW-pensioen blijft gehandhaafd.