ECLI:NL:CRVB:2024:1610
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid
Appellant, voormalig online marketeer, vroeg een WIA-uitkering aan na ziekmelding wegens psychische klachten. Het UWV weigerde deze per 10 augustus 2021 toe te kennen omdat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. Zowel de primaire arts als de arbeidsdeskundige stelden beperkingen vast, maar concludeerden dat appellant geschikte functies kon vervullen.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn beperkingen groter waren dan aangenomen, met name door PTSS, EMDR-behandeling, vermoeidheidsklachten en een eerdere achillespeesruptuur. Diverse medisch adviseurs en verzekeringsartsen beoordeelden de situatie, maar concludeerden dat de beperkingen adequaat waren meegenomen en dat er geen noodzaak was voor een grotere urenbeperking of extra beperkingen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De Raad vond geen aanleiding om te twijfelen aan de medische en arbeidskundige beoordelingen en wees het verzoek tot benoeming van een deskundige af. Het hoger beroep werd verworpen, waardoor de weigering van de WIA-uitkering in stand bleef.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid.