ECLI:NL:CRVB:2024:1663
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na gewijzigde beslissing UWV en proceskostenvergoeding
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV inzake de WIA. Tijdens de procedure heeft het UWV een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen die volledig tegemoetkomt aan de bezwaren van appellant. Hierdoor heeft appellant het hoger beroep ingetrokken.
De Centrale Raad van Beroep heeft vervolgens beoordeeld of het UWV in de proceskosten van appellant moet worden veroordeeld. De Raad heeft vastgesteld dat de kosten voor rechtsbijstand in hoger beroep begroot worden op €1.750,- en dat reiskosten voor openbaar vervoer tot €15,40 worden vergoed. Verzoek tot vergoeding van reiskosten van de behandelaar is afgewezen omdat alleen reiskosten van niet-professionele gemachtigden kunnen worden vergoed.
Daarnaast dient het UWV het door appellant betaalde griffierecht van €136,- te vergoeden. De Raad heeft het onderzoek ter zitting achterwege gelaten en het verzoek tot proceskostenvergoeding toegewezen, waarna de uitspraak is gedaan op 21 augustus 2024.
Uitkomst: Het hoger beroep is ingetrokken na tegemoetkoming UWV; UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.