ECLI:NL:CRVB:2024:1907
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag ANW-uitkering wegens niet-verzekerd zijn van overledene
Appellante, woonachtig in Marokko, verzocht om een ANW-uitkering na het overlijden van haar echtgenoot in 2021. De Sociale verzekeringsbank (Svb) wees de aanvraag af omdat de echtgenoot niet in Nederland woonde of werkte en daardoor niet verzekerd was voor de ANW. Ook was er geen vrijwillige verzekering of dekking via het ontvangen van een AOW-pensioen.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellante ongegrond en handhaafde het besluit van de Svb. Appellante stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, maar verscheen niet op de zitting. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het hoger beroep ontvankelijk was, ondanks de posttermijn, vanwege omstandigheden rondom verzending vanuit het buitenland.
Inhoudelijk volgde de Raad het oordeel van de rechtbank dat de echtgenoot niet verzekerd was volgens de Nederlandse of Marokkaanse wetgeving en ook niet op grond van het bilaterale verdrag. Het hoger beroep werd daarom afgewezen en de afwijzing van de ANW-uitkering bleef in stand. Appellante kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van de ANW-uitkering blijft in stand.