ECLI:NL:CRVB:2024:2028
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vaststelling arbeidsongeschiktheid op 57,82% in WIA-procedure
Appellant was sinds februari 2020 arbeidsongeschikt als gevolg van een ongeval en ontving een WIA-uitkering met een vastgestelde arbeidsongeschiktheid van 57,82% door het UWV. Appellant betwistte deze vaststelling en stelde dat hij meer beperkingen had dan aangenomen, mede onderbouwd met een neuropsychologisch rapport en een aanvullend rapport van een Expertise Instituut.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij het medisch en arbeidskundig onderzoek als zorgvuldig en voldoende onderbouwd werd beoordeeld. De Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak na behandeling van het hoger beroep. De Raad oordeelde dat de medische beoordeling, inclusief de Functionele Mogelijkhedenlijst, adequaat was en dat de aanvullende beperkingen die appellant aanvoerde onvoldoende concreet waren om de eerdere beoordeling te wijzigen.
De arbeidskundige beoordeling werd eveneens bevestigd, waarbij de geselecteerde functies niet de vastgestelde medische belastbaarheid overschreden. De Raad concludeerde dat het hoger beroep niet slaagt en dat de vaststelling van 57,82% arbeidsongeschiktheid gehandhaafd blijft. Appellant krijgt geen vergoeding van proceskosten vanwege het niet slagen van het beroep.
Uitkomst: De vaststelling van de arbeidsongeschiktheid op 57,82% wordt bevestigd en het hoger beroep van appellant wordt afgewezen.