ECLI:NL:CRVB:2024:2037
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Lagas
- B. Serno
- M.B. van den Haak
- Rechtspraak.nl
Geen dienstongeval bij verstappen tijdens uitstappen uit ME-bus
Appellant, werkzaam als ME-lid bij de politie, liep op 28 januari 2020 knieletsel op toen hij zich verstapte bij het uitstappen uit een oude ME-bus tijdens een surveillanceronde bij een voetbalwedstrijd. De korpschef weigerde het ongeval als dienstongeval te erkennen, waarna appellant bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde.
De rechtbank Limburg oordeelde dat het uitstappen uit de ME-bus geen verhoogd risico inhield en dat de omstandigheden niet bijzonder waren. De uitstap was weliswaar dieper dan bij de nieuwe ME-bussen, maar appellant was bekend met de oude bus en had voldoende gelegenheid om het hoogteverschil te zien. Ook was er geen spoed of acute onrust bij de opdracht.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. De Raad stelt dat geen sprake is van bijzondere omstandigheden die het risico op letsel verhoogden. Appellant was bekend met de oude ME-bus, de parkeerplaats had verlichting en hij had getraind in het donker. De opdracht kwam van de sectiecommandant, maar er was geen dreigende situatie die de omstandigheden bijzonder maakte.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor het ongeval niet als dienstongeval wordt aangemerkt en appellant geen vergoeding ontvangt voor proceskosten of griffierecht.
Uitkomst: Het ongeval wordt niet als dienstongeval aangemerkt en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.