ECLI:NL:CRVB:2024:2093
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging passendheid zorgprofiel ZGaud02 bij aanvraag Wlz-zorg
Appellant, bekend met diverse gezondheidsproblemen waaronder een taalstoornis, lichte zwakzinnigheid en diabetes, vroeg om langdurige zorg op grond van de Wlz. Het CIZ had hem aanvankelijk geïndiceerd voor zorgprofiel VG Wonen met begeleiding en intensieve verzorging (4 VG), maar na bezwaar werd dit herzien naar zorgprofiel ZGaud02, gericht op wonen met intensieve begeleiding en verzorging.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en stelde vast dat het zorgprofiel ZGaud02 passend is. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij intensievere verzorging nodig heeft, passend bij zorgprofiel ZGaud03, onderbouwd met observaties van familieleden over zijn mobiliteit, ADL, gedragsproblematiek en communicatie.
De Raad oordeelde dat het CIZ zich terecht baseerde op medisch advies en objectieve gegevens, waaronder huisbezoek en gesprekken met familie, en dat appellant onvoldoende medische onderbouwing leverde voor de noodzaak van het zwaardere zorgprofiel ZGaud03. De verklaringen van familieleden waren onvoldoende om het hogere zorgprofiel te rechtvaardigen.
Daarom werd het hoger beroep afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Appellant krijgt geen vergoeding van proceskosten. De beslissing werd op 30 oktober 2024 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het zorgprofiel ZGaud02 bevestigd als passend.