Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant heeft verzocht om zijn prestatiebeurs, ontvangen tijdens studies aan twee hogescholen, om te zetten in een gift vanwege medische omstandigheden (ADD/ADHD). De minister heeft dit verzoek afgewezen op basis van het advies van een medisch adviseur, die concludeerde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij door zijn beperkingen niet in staat was binnen de diplomatermijn zijn studie af te ronden.
De rechtbank heeft het beroep van appellant ongegrond verklaard en geoordeeld dat de minister terecht informatie heeft ingewonnen bij de onderwijsinstellingen en het advies van de medisch adviseur heeft gevolgd. De Raad bevestigt dit oordeel en wijst erop dat de wettelijke regeling vereist dat een arts verklaart dat voldaan is aan de voorwaarden voor omzetting van de prestatiebeurs in een gift.
Appellant stelde dat hij met zijn stukken aan de wettelijke eisen had voldaan en dat de behandeling van zijn zaak niet zorgvuldig was, maar de Raad vond geen aanleiding om dit te onderschrijven. De hardheidsclausule is niet van toepassing omdat er geen onbillijkheid van overwegende aard is gebleken. Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen en de afwijzing van het verzoek blijft in stand.
Uitkomst: Het verzoek om omzetting van de prestatiebeurs in een gift wordt afgewezen wegens ontbreken van een geldige medische verklaring.