Uitspraak
SAMENVATTING
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
.
Centrale Raad van Beroep
Appellant heeft een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering, waarbij hij aangaf moeite te hebben met functioneren in arbeid vanwege een psychische aandoening. Het UWV heeft na verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek geconcludeerd dat appellant over arbeidsvermogen beschikt en heeft de uitkering geweigerd. De rechtbank Amsterdam heeft dit besluit bevestigd.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat onvoldoende rekening is gehouden met zijn medische situatie, waaronder ADHD en gedragsstoornis, en bracht medische rapporten in. De Centrale Raad van Beroep heeft het standpunt van het UWV en de rechtbank getoetst en geoordeeld dat de medische en sociale problematiek weliswaar is erkend, maar niet leidt tot het ontbreken van basale werknemersvaardigheden.
De Raad concludeerde dat appellant in staat is om taken uit te voeren binnen een arbeidsorganisatie, met begeleiding en in een passende werkomgeving. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd, waardoor de weigering van de Wajong-uitkering in stand blijft en appellant geen proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering wegens voldoende arbeidsvermogen.