ECLI:NL:CRVB:2024:2201
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk bij verzoek peiljaarverlegging in aflosvrije periode studielening
Appellant heeft studiefinanciering ontvangen in de vorm van een rentedragende lening die hij maandelijks moet aflossen. In 2021 is de terugbetalingsverplichting opgeschort vanwege een aflosvrije periode. Appellant verzocht om verlegging van het peiljaar voor de draagkrachtberekening, maar de minister wees dit af omdat het inkomen geen verlaging rechtvaardigde en vanwege de aflosvrije periode.
De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond en vernietigde het bestreden besluit, maar handhaafde de rechtsgevolgen. De rechtbank oordeelde dat in de aflosvrije periode geen aanpassing van het maandbedrag mogelijk is. Appellant stelde dat de aflosfase door de aflosvrije periode wordt verlengd en dat een draagkrachtvaststelling ook tijdens deze periode mogelijk moet zijn.
De Raad overwoog dat appellant geen belang heeft bij beoordeling van de aangevallen uitspraak omdat hij zijn draagkracht op elk moment via DUO kan laten berekenen en zelf kan beslissen zijn aflosvrije periode te beëindigen. Het hoger beroep werd daarom niet-ontvankelijk verklaard. De minister hoeft geen griffierecht of proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.