Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
- verklaart het beroep tegen het besluit van 9 april 2021 ongegrond;
€ 1.750,-;
€ 875,-;
bedrag van € 500,-;
vergoedt;
€ 136,- vergoedt.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene, die zich ziekmeldde met psychische klachten en schildklierproblemen, vroeg een WIA-uitkering aan. Het UWV weigerde deze per 9 november 2020 toe te kennen omdat betrokkene minder dan 35% arbeidsongeschikt zou zijn, gebaseerd op een medische beoordeling met een urenbeperking van 6 uur per dag. De rechtbank stelde echter een urenbeperking van 4 uur per dag vast en vernietigde het besluit.
Appellante betoogde dat de rechtbank onvoldoende had gemotiveerd waarom deze lagere urenbeperking gold, gezien de medische situatie en medicatiewijzigingen. De Raad oordeelde dat de medische beoordeling van het UWV consistent en inzichtelijk was en dat de rechtbank ten onrechte de lagere urenbeperking had aangenomen. Het beroep van appellante werd gegrond verklaard en het besluit van het UWV bevestigd.
Daarnaast stelde betrokkene dat de rechtbank niet had beslist op haar verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn. De Raad stelde vast dat de termijn met ruim een maand was overschreden en kende een vergoeding van €500 toe. Tevens werden proceskosten en griffierechten aan beide partijen toegewezen.
De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank voor zover het de urenbeperking betrof, verklaarde het beroep tegen het eerste besluit ongegrond en het beroep tegen het tweede besluit gegrond. De zaak wordt terugverwezen voor een nieuwe medische beoordeling met inachtneming van de juiste urenbeperking.
Uitkomst: De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank over de urenbeperking en verklaart het beroep tegen de weigering van de WIA-uitkering ongegrond, kent een schadevergoeding toe wegens termijnoverschrijding en veroordeelt het UWV en de Staat in proceskosten.