Betrokkene vroeg ziekengeld aan na beëindiging van zijn WW-uitkering, maar het UWV weigerde dit omdat hij niet verzekerd was voor de Ziektewet vanuit de Werkloosheidswet. De rechtbank oordeelde aanvankelijk dat betrokkene in januari 2019 al ziek was en niet in staat was zich ziek te melden, waardoor het UWV een nieuwe beslissing moest nemen.
In hoger beroep stelt het UWV dat er geen objectieve medische gegevens zijn die aantonen dat betrokkene in januari 2019 al psychotische klachten had. De Centrale Raad van Beroep volgt dit standpunt en concludeert dat betrokkene op het moment van ziekmelding in maart 2019 niet verzekerd was voor de Ziektewet, en dat de nawerking van de verzekering niet van toepassing is.
De Raad vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond, waarmee het recht op ziekengeld wordt afgewezen. Betrokkene heeft geen proceskosten toegewezen gekregen.